KINDERTANDHEELKUNDE : 9 TIPS OM KINDEREN OP HUN GEMAK TE STELLEN

Tijdens behandelingen in de kindertandheelkunde pas je je technieken wellicht ietwat aan om jonge patiënten comfortabele en efficiënte zorg te bieden. Maar wat als een kind niet meewerkt of angstig wordt? In dit artikel deelt dr. Tania Vanhée haar tips en advies om kinderen meer vertrouwen te geven tijdens hun bezoek aan de tandarts.


Hoe verschilt de behandeling van een kind van die van een volwassene?

Men denkt vaak dat alleen kinderen bang zijn voor de tandarts, maar volgens de statistieken is dat niet helemaal correct. “Ongeveer 15% van de bevolking voelt angst bij het idee naar de tandarts te gaan, en 7% is zelfs fobisch”, legt dr. Vanhée uit. Angst speelt dus een grote rol bij tandheelkundige behandelingen, zowel bij volwassenen als bij kinderen. Hier zijn enkele tips om in gedachten te houden wanneer je je jongste patiënten verzorgt.

"Symbolische taal gebruiken en je instrumenten een naam geven zijn vormen van conversationele hypnose die kinderen kunnen afleiden."


Pas je taalgebruik aan

In tegenstelling tot behandelingen voor volwassenen berust kindertandheelkunde vaak op een driehoekige communicatie: tussen de tandarts, het kind en de ouder.

Bovendien is ongeveer 80% van de communicatie non-verbaal. Het is dus belangrijk te letten op de signalen die het kind geeft tijdens de behandeling: is het gespannen? Begint het te bewegen? Gaat het sneller ademen op bepaalde momenten? Het is cruciaal om je daaraan aan te passen. Op ooghoogte gaan zitten, oogcontact maken en een rustige toon aannemen helpen om zijn emoties beter aan te voelen.

De woordkeuze is eveneens essentieel. Dr. Vanhée bevestigt: “Symbolische taal gebruiken is een vorm van conversationele hypnose die zeer nuttig is in de kindertandheelkunde. Je lucht-waterspuit Meneer wind of mevrouw regen noemen helpt om de aandacht af te leiden van het klinische aspect van de behandeling.”


Veel en positief praten

Over het algemeen raadt dr. Vanhée aan om veel te praten: “Gebruik je stem om kinderen zo vaak mogelijk af te leiden tijdens de behandeling.” Als een kind bijvoorbeeld weigert zijn mond te openen, kan je vragen stellen zoals: Waar zitten je mooie tandjes? Ze zien er prachtig uit!

Vermijd daarentegen zinnen zoals Wees niet bang, het zal geen pijn doen. De hersenen, vooral die van kinderen, onthouden het kernwoord (bang, pijn) en niet de ontkenning. Formuleer zinnen dus positief voor een betere begrip en een geruststellende sfeer.


Werk als een team

Naast positief taalgebruik helpt samenwerkingsgerichte taal om de tijdsbeleving van het kind te beïnvloeden. Daarom raadt dr. Vanhée aan om kinderen actief bij de behandeling te betrekken: “Zeg bijvoorbeeld: Ik kan niet alleen werken, ik heb jouw hulp nodig. Dat geeft hen een actieve rol en laat hen voelen dat ze belangrijk zijn.”


3 woorden om te vermijden

De gouden regel van dr. Vanhée: gebruik nooit de woorden prik, pijn en bang. Ze maakt ook de ouders attent op deze regel van zodra ze hen ontvangt in de wachtruimte.

Daarnaast vraagt ze aan de ouders om tijdens de eerste minuten van de behandeling even stil te blijven, om zo de veiligheid van de patiënt en haar eigen concentratie te garanderen. Meestal blijven ze daarna gedurende de hele behandeling vanzelf stil.


Het belang van spel

“We spelen voortdurend”, zegt dr. Vanhée. Ze noemt haar instrumenten haar speelgoed en doet alsof ze op de tanden tekent. Alles draait rond improvisatie. Zo kan ze het kind meenemen in een speelse, imaginaire wereld, ver weg van de medische context.

Zelfs zonder speelgoed of cadeautjes (behalve een zonnebril om het licht van de scialytische lamp te verzachten) zorgt ze ervoor dat haar praktijk warm en welkom aanvoelt. Geen schermen of tv: “Ik geef zelf de show”, lacht ze.

Toch is spel niet het enige hulpmiddel. Soms zijn extra maatregelen nodig om een goede samenwerking tussen het kind, de tandarts en de ouders te verzekeren.


Wat te doen als een kind niet meewerkt?

De meeste kinderen zijn braaf, maar vervelen zich snel. Dat kan al in de wachtruimte beginnen of tijdens de behandeling gebeuren. Hier zijn enkele tips van dr. Vanhée om met dat soort situaties om te gaan.


Laat hen niet wachten

Als ze vertraging heeft, stelt dr. Vanhée ouders en kinderen vaak voor om even een wandeling te maken in plaats van in de wachtruimte te blijven zitten. “Voor een kind is 15 minuten wachten gevolgd door een behandeling van 20 minuten al veel te lang”, legt ze uit. Ook hier is afleiding de sleutel.


Het belang van vertrouwen

Samenwerking vraagt vertrouwen. “Het is niet alleen essentieel om het vertrouwen van de patiënt te winnen, maar ook om het te behouden”, benadrukt dr. Vanhée. Ze raadt aan om niet te veel te willen doen tijdens de eerste afspraak, zelfs als het kind goed meewerkt. Het is beter om het kind eerst het kabinet te laten ontdekken en een vertrouwensrelatie op te bouwen vooraleer meer invasieve zorg uit te voeren.


Hypnose gebruiken

Dr. Vanhée gebruikt soms lichte hypnose om haar jonge patiënten te ontspannen. In het algemeen gaan kinderen er heel snel in mee en komen ze er ook weer snel uit. Maar ze benadrukt dat je hypnose met de nodige voorzichtigheid moet toepassen: “Conversationele hypnose, via woorden en symbolische taal, is vaak al voldoende om het kind te kalmeren zonder afhankelijkheid te creëren.”


De rol van de ouders

Voor tandartsen is het soms moeilijk om ervoor te zorgen dat kinderen naar hen luisteren, omdat zij niet hun ouders zijn. “Ouders moeten ook deel uitmaken van het team”, legt dr. Vanhée uit. Daarom geeft ze hen kleine instructies, zoals bepaalde woorden niet uitspreken, niet allemaal tegelijk praten of niet spreken terwijl zij werkt.

Soms komt een hele familie mee. Hoewel ze probeert te vermijden dat er te veel mensen in de behandelruimte aanwezig zijn, willen familieleden soms allemaal binnenkomen of dicht bij de patiënt blijven. In dat geval legt ze uit dat het veiliger en rustiger is om slechts één kind en één ouder in de behandelkamer te hebben.


7 tips voor studenten in de kindertandheelkunde

Het is soms moeilijk te weten wat je mag verwachten wanneer je begint te werken in de zorgsector. Daarom geeft dr. Vanhée 7 tips voor wie net begint met studies kindertandheelkunde of binnenkort aan een stage start.

  1. Lokale anesthesie voorkomt pijn.
  2. Doe tijdens de afspraak niet alles in één keer.
  3. Een rubberdam is je beste vriend.
  4. Gebruik producten om letsels te stabiliseren: SDF of glasionomeren.
  5. Laat broers en zussen kiezen wie van hen eerst mag.
  6. De rust in de praktijk weerspiegelt de rust van de tandarts.
  7. Duid een kapitein van het schip aan, meestal de behandelaar, wanneer er meerdere zorgverleners aanwezig zijn. Enkel hij spreekt.


Wie is dr. Tania Vanhée?

Dr. Tania Vanhée is algemeen tandarts met specialisatie in de kindertandheelkunde. Ze is voorzitter van de Belgische Academie voor Kindertandheelkunde (BAPD), doctoraathoudster in de Tandheelkunde aan de Université libre de Bruxelles (ULB), en docente aan HUB site Anderlecht (Erasmusziekenhuis) in Brussel. Ze heeft ook haar eigen praktijk.


Kindertandheelkunde vraagt veel meer dan technische vaardigheden: het vereist geduld, luisterbereidheid en een groot aanpassingsvermogen. Dankzij positieve communicatie, symbolische taal en een speelse aanpak kunnen tandartsen een vertrouwensklimaat creëren dat essentieel is voor het welzijn van kinderen.

Zoals dr. Vanhée benadrukt, wordt elke behandeling zo een samenwerking tussen tandarts, ouder en kind. Samen vormen ze een echt team dat werkt aan de glimlach van de jongste patiënten.

Haut de la page